Uitwerking biodiversiteit: beleidskader biodiversiteitsverbetering

  • Aantal keer bekeken 77
  • Terug

Om de biodiversiteit te kunnen verbeteren kiezen we het volgende kader:

1/ De biodiversiteit wordt hoger als de (keuze voor) een biotoop/habitattype (grasland, bos, stuifzand etc) bijdraagt aan de diversiteit van biotopen op een zo hoog mogelijk schaalniveau. Zo draagt een graslandbiotoop met weidevogels wezenlijk bij aan de diversiteit van biotopen op Europees schaalniveau.

2/ De biodiversiteit wordt hoger als de schikking van biotopen natuurverbindingen in een groter gebied bevordert. Uitwisseling binnen soorten tussen verschillende gebieden maakt natuur robuuster en weerbaarder. Verbindingen vergroten leefgebieden en bieden een diverse omgeving aan die soorten die dat nodig hebben.

3/ De biodiversiteit wordt hoger naarmate het ecosysteem van een bepaald biotoop vollediger is. Een oud landgoedbos met volgroeide, deels afstervende bomen, is een vollediger ecosysteem van het bosbiotoop dan een productiebos.

Is dit kader een geschikte manier om de biodiversiteit te verbeteren? Heeft u aanvullingen?

Terug

Deel

Reacties

  • Zo'n theoretisch beleidskader staat goed op papier, maar het afwenden van het massale uitsterven van de soorten vergt het uiterste van ons allen. Wageningen ligt prachtig tussen stuwwal, uiterwaarden, rivierklei, veenweide gebied en hogere zandgronden. Vind dat maar eens elders in Nederland. De uitdaging ligt in het mogelijk maken van een zo rijk mogelijk ecosysteem, ofwel het stoppen van de degradatie der ecosystemen. Geconstateerd is dat vele soorten verdwenen zijn of gedecimeerd raken. Twee belangrijke oorzaken liggen hieraan ten grondslag: enerzijds sterft het (onzichtbare) bodemecosysteem door de overdosis stikstofverbindingen die constant met mest en neerslag worden aangevoerd zodat de dieren die wij gewoonlijk waarnemen geen voedsel meer kunnen vinden; anderzijds worden roofdieren en aaseters beschermd. Naast eksters, kauwen en kraaien zoeken ook buizerds, torenvalken en ooievaars vanuit de lucht naar voedsel; op de grond leeft daar de vos, steenmarter en binnenkort ook de wolf. Het natuurlijk evenwicht is nu ver te zoeken. Kwetsbare soorten die voorkomen in een zeer specifiek ecosysteem zijn niet opgewassen tegen het opportunisme van al die natuurlijke vijanden. Het beleid dient zich dus vooral te richten op een nieuw evenwicht in de diverse ecosystemen rond Wageningen. Terugdringen van het verzuringseffect door stikstofverbindingen is hierbij van levensbelang. De bodem is de basis.
    31-3-2020 21:14:32
  • Helaas ontbreekt concrete invulling op de visie op verhogen van de biodiversiteit in het buitengebied van Wageningen. Juist nu in de visie op het buitengebied waar natuur een onderdeel van vormt is het bittere noodzaak om dit nu goed in te vullen en niet te blijven hangen in algemene termen. Biodiversiteit wordt aantoonbaar groter als je daar in de basis handen en voeten aan geeft. Dat betekent een goede nul-meting van soorten opgedeeld naar soortgroep en afhankelijkheid van biotoop/landschap (belangrijk voor invulling potenties) en opgedeeld naar de deelgebieden van belang voor Wageningen. Dat geeft meteen ook bouwstenen voor a) bepalen van gevoeligheid van soorten (wettelijk beschermd-verplicht; rode lijst - kan je voor kiezen/visie) voor ruimtelijke ingrepen (mn opgave energietransitie: windmolens - slachtoffers vleermuizen/vogels, aantasting leefgebied weidevogels; zonneparken - verlies leef/foerageergebied weide/akkervogels en roofvogels zoals uilen, buizerd). Hiervoor geldt minimaal een compensatieopgave (verplichting van uit Wet natuurbescherming en groot risico als showstopper en juridische procedures); b) gericht vergroten van de biodiversiteit. Bepaalde landschappelijke elementen kunnen direct gekoppeld worden aan versterking van leefgebied van specifieke soortgroepen en/of soorten. Zo is bloem- en besrijke inheemse beplanting gunstig voor insecten, dag/nachtvlinders, (struweel)vogels en vleermuizen, echter opgaande beplanting niet gunstig voor weide/akkervogels van open ruimte; akkerranden t.b.v. bijzondere akkerplanten en patrijzen; voortplantingswater/poelenwatergangen gunstig voor amfibieën, grote modderkruiper. c) gericht invulling van leefgebied/stapstenen en (landschappelijke) verbindingen voor gidssoorten bv das (landschapsverbinding oost-west) en grote modderkruiper noord-zuid (Binnenveld met Rijnuiterwaarden). Nu ontbreekt zoals eerder aangegeven een concrete invulling en visie. De stellingen betreffen nu het containerbegrip 'biodiversiteit'.
    31-3-2020 16:11:40
  • De indeling in landschappen op de plankaart wijkt af van de biodiversiteitsgebieden op de factsheets van de nulmeting biodiversiteit. Als we kijken naar het gebied ten noorden van de stad, dan laat de factsheetkaart drie gebieden zien: Binnenveld, Bennekomse Steeg en Eng Noord . De factsheets karakteriseren deze gebieden met landschaptype en grondsoort. Binnenveld is Veenweide landschap met veengronden (Koopveengronden op zeggeveen, rietzeggeveen of (mesotroof) broekveen). Bennekomse Steeg is Open agrarisch landschap met leemarm en zwak lemig fijn zandgronden (Veldpodzolgronden; . Beekeerdgronden) ; Eng Noord is Afwisselend kleinschalig cultuurlandschap met leemarm en zwak lemig fijn zand (Hoge zwarte enkeerdgronden, Holtpodzolgronden). Wat totaal ontbreekt in de beschrijving zijn de rivierkleigronden die er wel degelijk zijn in het westelijk deel van het Bennekomsesteeg gebied, en in het Binnenveld, dat zijn zavel en kleigronden, tot zware klei aan toe. Wat de hele strook land interessant maakt is de overgang van droog naar nat, van zand naar klei, van glaciaal landschap naar rivierlandschap, en het veenland. En de overgangen lopen soms door elkaar. Het Binnenveld is niet alleen veengebied, en de BennekomseSteeg niet alleen zandgebied. De gebiedsindeling op de plankaart plaatst het Binnenveld ten westen van de Slagsteeg. Vanuit landschappelijk perspectief en de potentie als geschikte biotoop is het consistenter om de oostgrens van het Binnenveld te leggen bij de bebouwing van de stadsrand van NoordWest, vanaf het Nieuwe Kanaal naar het noorden, en dan verder langs de Rijnsteeg (eventueel parallel aan de Rijnsteeg, iets ten westen ervan). Dan neem je het hele open weidelandschap bij elkaar als een geheel, en is dat gebied geen onderdeel meer van een kleinschalig agrarisch landschap. De naam weidelandschap lijkt me een meer passende naam voor het gebied dan een transitielandschap.
    31-3-2020 14:41:39
  • Biodiversiteit in relatie tot graslandbiotoop met weidevogels: Niet elk graslandbiotoop is goed voor weidevogels. Wil je weidevogels, zoals Grutto, Tureluur en Wulp in het kader van biodiversiteit behouden, dan gaat het vooral om het type graslandbiotoop, alsmede het daarop gevoerde beheer. Beiden zijn bepalend in combinatie bepalend voor de biodiversiteit op grasland. Biodiversiteit en weidevogels hebben baat bij structuurrijke en bloemrijke hooilanden. Extensief randenbeheer en het ontzien van slootkanten bij het bemesten en het maaien helpen mee om die biodiversiteit tot stand te brengen en verder uit te bouwen. Een randenstructuur op de kopse kanten van graslandpercelen (bijv. langs een daar gelegen ontwateringssloot) helpt mee om die biodiversiteit ook een permanent karakter te geven. Vooral als die 'middensloot' hier en daar ook nog een - al dan niet tijdelijk - plas-dras karakter kan krijgen. Voor akkervogels zoals Kievit, Scholekster, Patrijs, Gele kwikstaart en Kwartel geldt eveneens dat zij geholpen zijn met extensief randenbeheer langs akkers (met mais, granen, bieten, aardappelen, etc.). Ter wille van de overleving van meer kuikens zou daar het teeltplan van boeren en van Unifarm op afgestemd kunnen c.q.moeten worden. Het hart van het Binnenveld heeft de potentie om zich te ontwikkelen tot een prachtig natuur/weidevogelkerngebied van 500 ha ter weerszijden van de Grift en daaromheen een overgangszone van 250 ha boerenland met agrarisch natuurbeheer en randenbeheer voor meer kuikenland. Meer hierover in het binnenkort uit te brengen nieuwe Weidevogelplan Binnenveld.
    31-3-2020 13:13:55
  • Belangrijke toevoeging is de bepaling voor welke biotopen en daarmee samenhangende flora en fauna men wil kiezen. Bijvoorbeeld: de toename van natte natuur in het binnenveld trekt nu nog voornamelijk ganzen en eenden die er al voldoende zijn. Met de toename van natte natuur "verjaag" je de weidevogels. Dus een duidelijke strategie die ook voor burgers goed te volgen is lijkt me belangrijk. Want nu lijkt de gevolgde strategie voor meer natuur andere resultaten te hebben dan beoogt.
    22-3-2020 18:07:06
  • Eens om meer aandacht aan biodiversiteit te besteden. Voor het Binnenveld wordt alleen aan weidevogels gerefereerd. Dort de kwelstroom vanuit Veluwe en Utrechtse Heuvelrug is het een uniek gebied voor bijzondere plantensoorten. Deze zijn zeer zeldzaam geworden in Nederland. Het Binnenveld biedt dus plek aan veel meer bijzondere natuur dan alleen weidevogels. Als we daar alleen nar kijken houden we alleen nog 3 of 4 vogelsoorten over: een heel beperkt begrip van biodiversiteit. Het zou mooi zijn als we in het Binnenveld een kerngebied met grote botanische waarden en veel verschillende vogelsoorten (waar onder natuurlijk ook veel weidevogels)hebben en een omliggende agrarische zone met veel weidevogels. Daarvoor is het wel noodzakelijk het transformatiegebied kleiner te maken.
    22-3-2020 15:55:52
  • Ik vind het kader erg abstract, en het eerste punt is ook voor mij als ecoloog onbegrijpelijk. Maak het concreter met wat voor typen natuur we dan verder willen ontwikkelen, en met welke ambitie. Binnenveldse Hooilanden is trouwens in de Erste plats op botanische waarden gericht, maar wedde-=e moerasvogels zullen hier ook prima een plek vinden. Ik ben voor meer biodiversiteit in het buitengebied, maar denk wel dat we met de Weg. berg, de uiterwaarden en Binnenveldse Hooilanden genoeg "puur natuur" hebben. Er moet meer multifunctioneel grondgebruik komen voor landbouw, energie, recreatie en natuur.
    22-3-2020 15:49:24
  • Het kader is, vrij vertaald, gebaseerd op de begrippen variatie (wat willen we waar) verbinding (hoe verbinden we plekken met elkaar) en oppervlakte. Op zich prima uitgangspunten, maar hier (nodeloos) ingewikkeld verwoord en bovendien is de waarde ervan pas zichtbaar als duidelijk is hoe het wordt toegepast. Als dit je kader is, hoe ziet dat er dan potentieel uit op de kaart?Net als bij thema energie had ik hier graag al een verdere invulling van dit kader gezien om op te reageren.
    22-3-2020 13:58:24
  • Deze tekst benoemd weliswaar de context van de biodiversiteitscrisis, maar de beweringen die gedaan worden moeten beter uitgewerkt en onderbouwd worden en ook is het voor de omgevingsvisie van belang om een vertaalslag te maken naar de Wageningse context. Die ontbreekt nu. De 0-meting waar waar wordt verwezen betreft geen 0-meting van biodiversiteit, maar een losse verzameling van informatie, zonder interpretatie en voor een deels zonder kennis van zaken geschreven. De punten die uit deze )-meting naar voren worden gehaald zijn willekeurig, deels onjuist en later vooral een gebrek aan kennis zien. Die ambitie om biodiversiteit te verhogen ondersteun ik, maar dit vraagt wel een veel betere uitwerking (om welke leefgebieden en soorten gaat het, wat moet daarvoor gebeuren) en het vraagt ook om zorgvuldige bescherming en beheer van bestaande gebieden en landschapselementen. Een kritische reflectie op de ontwikkelingen die hebben geleid tot een afname van biodiversiteit, op het huidige beheer (bv. houtwallen, bermen en slootkanten) en het in beeld brengen van potentiële bedreigingen is nodig om tot een goed uitgewerkte visie en bijbehorende strategie te komen.
    22-3-2020 12:15:48
  • Er gaat een hondenhorror verhaal rond: als mensen de natuur met vogels in mogen dan zou die eraan gaan door honden. Bordjes met verboden voor honden zouden niet helpen omdat er zouden kunnen zijn mensen die er zich soms niet aan houden. Dat “geen honden” al heel lang prima gaat op de klompenpaden remt dit verhaal niet. In tegendeel: het vertellen van het verhaal gaat in zulke horror termen dat de groep die er mee geïnfecteerd is het voor elkaar krijgt de mooiste gebieden zoals de Binnenveldse hooilanden vrijwel volledig voor de burger af te sluiten. Ze krijgen het voor elkaar om een nieuw peperduur en lang wandelpad gewoon exact naast een bestaand fiets en wandelpad aan te leggen. Krankzinnig! Echt het enige doel is om te kunnen zeggen “er is een extra wandelpad” zonder dat je het gebied in kan. De enorm dure uitkijktoren aan de werftweg is een ander onwerkelijk voorbeeld. “Natuurgenieten” met een continue stroom razende auto’s in de rug. En het geeft een ander publiek en dus vandalisme. En als je toch rond wil lopen vanaf het griftpad; kan dat alleen over de lange Werftweg terug; levensgevaarlijk (dode wandelaars zijn minder horror!) en weer in de continue autoterreur om je heen. Hoe kan zoiets gebeuren met enorme investeringen in het gebied? Het hondenhorror virus schakelt elke vorm van redelijke afweging van functies en belangen uit. Het sluit de mens op in stad en rommelgebieden. De mens moet dik en ongelukkig worden… en dan doodgereden op een autoweg….. want stel je de horror voor als ze de natuur ingaan….
    22-3-2020 10:35:18
  • Fase 2 van de hondenhorror epidemie is nog veel erger: de hoofdlijnen notitie. Die staat vooral vol met natuuranalyse en sluit nog een groter deel van het binnenveld vrijwel voor de burger af. Opsluiten die burgers… in stad en rommelzone…. een enkel wandelpaadje wellicht de echte natuur in… maar dan met veel beperking. En de term “smart” omdat te verbergen’; iedereen op de app kijken in plaats van natuur genieten. Bijna 40.000 burgers opzij gezet door het hondenhorror verhaal.
    22-3-2020 10:33:57
  • Het klopt wat hier staat. Maar Wageningen moet zich serieus afvragen of deze doelstelling voor het hele buitengebied moet gelden. Ik zie dat langzaam het hele buitengebied van Wageningen in mono-functionele natuur verandert. Er is geen plek meer voor andere functies. Behalve nog mondjesmaat recreatie (er loopt één pad door heen). De drie nieuwe stukken natuur (tussen Kortenoord en het Nieuwe Kanaal, naast Nudepark 2 en het hart van het Binnenveld) hadden deels ook een andere functie kunnen hebben. Dan zie ik nu op de kaart dat ook het gebied tussen de Veensteeg en de Slagsteeg wordt geclaimd voor natuur (weidevogels). Wat blijft er dan nog over?
    19-3-2020 22:24:52
  • Ik heb veel waardering voor de grote aandacht die aan vergroting van de bio diversiteit wordt gegeven. Het ontbreekst m.i. echter aan een evenredige aandacht voor het afwenden van de , weliswaar met de bio diversiteit samenhangende, klimaatverandering b.v. door het met zo veel woorden openen van de mogelijkheid en het stimuleren van de in wereldwijd verband noodzakelijk geachte planting van bomen. (Voedselbos). De Eng ( en de Nude en randen van het Binnenvelld) lenen zich m.i. hiertoe in de afweging van belangen tussen openheid en vermijding van een klimaat catastrofe.
    8-3-2020 14:35:37
U moet registreren/ingelogd zijn om te reageren