3.1 Verbetering biodiversiteit

  • Aantal keer bekeken 537
  • Terug

In dit hoofdstuk richten we on op de opgaves voor de natuur.

 

Wat speelt er: biodiversiteit.

De biodiversiteit neemt wereldwijd, en ook in Nederland, snel af onder invloed van klimaatverandering en de wijze waarop we ons land gebruiken. Zoals grootschalige afname van de insectenpopulatie tot circa een derde door bestrijdingsmiddelen en stikstof. Weilanden veranderen in groene woestijnen waar nauwelijks of geen bloemen, kruiden, insecten, vlinders of kevers meer gedijen. Dit heeft ook grote gevolgen voor de vogelstand. We zitten in een biodiversiteitscrisis.

Biodiversiteit gaat om soorten, ecosystemen en genen

Het is voor ons van groot belang om tot een consensus te komen over een aanpak om de biodiversiteit te verbeteren zowel op strategisch als op praktisch niveau. We willen aan de slag met die verbetering en daarvoor moeten we één richting kiezen.

We hebben in 2019 een 0-meting voor natuur laten opstellen. Daaruit blijkt het volgende (onderstaand enkele kernpunten uit de factsheets van de 0-meting).

  • Bennekomse Steeg: een goede leefkwaliteit met kansen zowel voor cultuurvolgers als de patrijs, als voor libellen in waterpartijen. In water komt snel veel natuur. 
  • Binnenveld: een hotspot voor de Regenwulp, voor weidevogels is het een belangrijk broedgebied en tal van trekvogels pleisteren er, maar verder vrij monotoon. Een omvangrijke herinrichting, gericht op natuur, is in volle gang.
  • De Eng Noord en Zuid: gevarieerde natuur die hoort bijkleinschalig en gevarieerd gebruik. 
  • De Wageningse Berg rijk aan soorten en robuust 
  • De uiterwaarden zeer soortenrijk, misschien nog extra mogelijkheden met meer rivierdynamiek 
  • De Nude: hier en daar goede natuur (hotspot Kleine Zwaan) maar te intensief landbouwgebruik om in het algemeen van een goed gebied voor natuur te spreken

De factsheets van de 0-meting kunt u downloaden van deze pagina https://wageningenduurzaam.nl/wageningenduurzaamgroen/biodiversiteit/.

In de 0-meting is soortenrijkdom de belangrijkste indicator voor de kwaliteit van de natuur. De kwaliteit, de waarde, van natuur wordt óók door andere factoren bepaald.

Natuurkwaliteit is schaalafhankelijk. Riviergebonden biotopen komen in Nederland veel voor maar in Europa veel minder. En voor biotopen met weidevogels is Nederland specialist. Als dit soort zeldzame of relatief zeldzame biotopen het goed doen dan zijn die extra waardevol. Biotoopkeuzeis daarom een belangrijk onderdeel van biodiversiteit.

De kwaliteit van verbindingen is van groot belang (overal en zeker in Wageningen speelt dit). In het dal van de Renkumse beek, dat net buiten onze gemeentegrens loopt, is bijvoorbeeld in het verleden veel geld uitgegeven om een bedrijventerrein uit te plaatsen dat de natuurverbindingen blokkeerde. En op dit moment wordt er een visie op het dal opgesteld waarin onderzocht wordt hoe de beste verbinding onder de N225 gemaakt kan worden.

Zie ook: https://nl.wikipedia.org/wiki/Biodiversiteit en voor verbindingen specifiek: In Nederland wordt gewerkt aan een ecologische hoofdstructuur om de afname van de biodiversiteit in Nederland af te remmen. Dit beleid is gebaseerd op de eilandtheorie die stelt dat een groter aaneengesloten natuurgebied een relatief grotere biodiversiteit heeft. Natuurgebieden kunnen ook met kleine corridors (bv. ecoducten) aaneengesloten worden.

Soortenrijkdom wordt vooral een belangrijke indicator waar het de volledigheid van het ecosysteem van een bepaald biotoop aantoont.

 

Visie op verbetering van de biodiversiteit

De biodiversiteit van ons hele buitengebied moet omhoog. We gaan biodiversiteit versterken volgens de trits: biotoopkeuze in groter verband, verbeteren verbindingskwaliteit en verbeteren volledigheid van ecosystemen.

We maken, conform de strategie Land van Wageningen, Wageningen in het land onderscheid tussen gebieden waar we op eigen natuurdoelen sturen en gebieden waar we sturen op gedeelde doelen. Daarbij willen we de biodiversiteit voor ons hele buitengebied vergroten. Zowel voor het gebied van het Natuurnetwerk als de ‘cultuurgebieden’. De snelste lokale winst voor biodiversiteit is mogelijk in de gebieden Bennekomse Steeg en de Nude.

Natuurbeleving moet maatschappelijk inclusief zijn en natuur moet uitnodigen tot bewegen. Dit werken we uit bij het onderwerp ‘recreatie, en bevorderen van beweging’.

 

Uitwerking biodiversiteit: beleidskader biodiversiteitsverbetering

Om de biodiversiteit te kunnen verbeteren kiezen we het volgende kader:

1/ De biodiversiteit wordt hoger als de (keuze voor) een biotoop/habitattype (grasland, bos, stuifzand etc) bijdraagt aan de diversiteit van biotopen op een zo hoog mogelijk schaalniveau. Zo draagt een graslandbiotoop met weidevogels wezenlijk bij aan de diversiteit van biotopen op Europees schaalniveau.

2/ De biodiversiteit wordt hoger als de schikking van biotopen natuurverbindingen in een groter gebied bevordert. Uitwisseling binnen soorten tussen verschillende gebieden maakt natuur robuuster en weerbaarder. Verbindingen vergroten leefgebieden en bieden een diverse omgeving aan die soorten die dat nodig hebben.

3/ De biodiversiteit wordt hoger naarmate het ecosysteem van een bepaald biotoop vollediger is. Een oud landgoedbos met volgroeide, deels afstervende bomen, is een vollediger ecosysteem van het bosbiotoop dan een productiebos.

Is dit kader een geschikte manier om de biodiversiteit te verbeteren? Heeft u aanvullingen?
Reageren

 

Uitwerking biodiversiteit: versterkingsplan biodiversiteit

Als vervolg op de visie buitengebied gaan we een versterkingsplan voor biodiversiteit maken. In het onderstaande geven we daarbij een hoofdlijn voor de verschillende gebieden.

Voor de Wageningse berg en de uiterwaarden ligt de lat voor biodiversiteit hoog. Samen met Provincie en Rijk willen we bestaande natuur in deze gebieden evalueren vanuit het perspectief van het beleidskader biodiversiteitsverbetering en op die manier samen komen tot een plan voor versterking.
We zullen daarbij aansluiten op de biotopen (ook wel: habitattypes) die voor deze gebieden in het kader van Natura 2000 zijn afgesproken.

In onderstaande twee links staat het overzicht van die afspraken en in de derde link de verspreiding van een van deze biotopen in het gebied Wageningse Berg. 
Doelhabitatypes Veluwe (voor de Wageningse Berg)
Doelhabitattypes Uiterwaarden
Kaart habitattypen Gelderland, Wageningse Berg

Voor de kern van het Binnenveld wachten we eerst af wat de effecten van de lopende herinrichting zal zijn.

Voor de Nude en de randzone van het Binnenveld zien we veel kansen in het voorstel voor landschapstransformatie (zie ook het hoofdstuk specifiek over dat voorstel). Daarin zijn veel mogelijkheden voor verhoging van de biodiversiteit op lokaal niveau, en die moeten we benutten. De voorgestelde tussenruimtes bieden struweelbiotopen en mogelijkheden voor waterbiotopen. Waar grond gebruikt wordt voor zonnevelden is ruimte voor kruidenrijke graslanden.

Voor de Eng sluiten we aan bij de ‘visie Eng’

Voor ons hele buitengebied streven we naar natuurinclusieve landbouw. Er is een ‘Actieplan Natuurinclusieve Landbouw’ dat is overgenomen door de provincie Gelderland en ontwikkeld door LTO Noord, de Gelderse Natuur- en Milieufederatie en anderen.

Heeft U nog aanvullingen voor het versterkingsplan biodiversiteit?
Reageren

 

Uitwerking biodiversiteit: op weg naar volledige ecosystemen

Een van de centrale onderdelen van ons voorstel is de ontwikkeling van zo volledig mogelijke ecosystemen. Dat is uiteraard per biotoop geheel verschillend. We hebben een eerste beeld geschetst van de mogelijkheden voor ontwikkeling van volledige ecosystemen van verschillende biotopen. Voor sommige biotopen lijkt dit veel op de route naar natuurinclusieve landbouw, maar het perspectief ‘volledige ecosystemen’ is breder en toepasbaar op ieder biotoop/habitattype.

  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor graslandbiotopen zitten in bijvoorbeeld: mesthoeveelheid (bv. niveaukeuze evenwichtsbemesting), mesttype (bv gerijpte mest), begrazingsdruk, maaibeheer en waterstanden. Een voorbeeld van de doorwerking hiervan is het volgende overzicht van de provincie Brabant voor natuurvormen van graslandbeheer.
  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor akkerbouw zitten in bijvoorbeeld: mesthoeveelheid, bestrijdingsmiddelengebruik/onkruidbeheer en mesttype.
  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor tuinbouw en fruitteelt zitten in bijvoorbeeld: bestrijdingsmiddelengebruik, mesttype en gewassenkeuze.
  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor bos zitten in bijvoorbeeld: kapbeleid (gericht op oude bomen of niet), opruimbeleid (balans tussen dood hout en brandgevaar) en toegankelijkheid.
  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor hagen zitten in bijvoorbeeld: plantkeuze en onderhoud.
  • Ontwikkelingsmogelijkheden biodiversiteit voor watergangen zitten in bijvoorbeeld: verminderen nutriëntendruk, variatie in breedte en diepte, gesegmenteerd onderhoud, wisselende stroming, koppeling van waterbiotopen (mits niet vervuilend), gevarieerde bezonning/beschaduwing, aard van de oever.
  • etc.

Bovenstaande lijst is een start zowel wat betreft soorten biotiopen/habitattypen als de uitwerking. Wie vult aan? We zijn zeker ook nieuwsgierig naar voorstellen voor de Wageningse Berg en de uiterwaarden.
Reageren

 

Uitwerking biodiversiteit: extra ecologische verbindingen via Nergana

We werken al jaren aan de noordelijke ecologische verbindingszone en daar willen we mee doorgaan.

De huidige ecologische verbindingszone ten noorden van Wageningen.
Huidige situatie realisatie noordelijke ecologische verbindingszone
Afbeelding is afkomstig van de gemeente Wageningen.

We zien mogelijkheden om een extra tak te maken in noordelijke richting langs een historische waterloop en Nergena. In dat geval zullen we met Ede overleggen over de invulling van deze extra tak.

Deze afbeelding is een uitsnede uit de Beken Atlas Veluwe. Het laat een waterloop zien die afwijkt van de huidige ecologische verbindingszone.
Het historische verloop van een watergang langs Nergena
Deze afbeelding is een uitsnede uit Beken Atlas Veluwe.


Kunt u zich vinden in het voorstel van de extra tak en hebt u voorstellen voor de uitvoering?
Reageren


Vorig artikelVolgend artikel

Deel

Reacties

  • Biodiversiteit is niet alleen hoog-over doelen. Het gaat er ook om dat je bij elke ontwikkeling, op elke locatie in het buitengebied (en in de stad) werkt aan vergroten van de biodiversiteit. Niet alleen in gebieden die met natuur worden bestempeld. Neem dit op als uitgangspunt in de hoofdlijnennotitie, zodat het ook bij elke ontwikkeling gevraagd/geëist kan worden.
    31-3-2020 20:35:23
  • De biodiversiteit is in het Binnenveld minder dan in de bebouwde kom (weilanden die kort gegrazen worden, gemaaid en bemest...). Rekening houden met de toekomst zal er op termijn een groene rondweg om het noordwesten van Wageningen nodig zijn om de campus, woonwijken en bedrijventerreinen te ontsluiten. De rondweg zal groen zijn: aan weerszijden 100 meter (oer)bos, voedselbos en/of recreatiebos waar max. 60 km/uur wordt gereden. Dit is op vrijwel alle fronten beter voor Wageningen: betere ontsluiting, veiliger (met name veel minder fietsverkeer wat gemotoriseerd verkeer hoeft te kruisen), gezonder (minder fijnstof/stikstof en geluid wat bovendien weggefilterd wordt door de bebossing aan beide zijden), goed voor het milieu (wegvangen CO2), goed voor recreatie in de stroken langs de weg en bovendien beter voor de gewenste biodiversiteit. De groenstrook biedt ook mogelijkheden om beter de Natura 2000 gebieden van Veluwe en de Utrechtse Heuvelrug te verbinden. Ook vangt deze strook water weg waardoor in de Binnenlanden langs het Valleikanaal/Grift de weidevogels weer kunnen broeden (het is daar nu te nat). Nu is het open landschap wat komt door onze landbouw. Niet begrazen en bewerken zal bos opleveren want dat hoort van nature thuis in Nederland!
    28-3-2020 10:38:22
  • Ik vind dit een verwarrend verhaal, en teveel gericht op deskundigen. Graag ook in de hoofdlijnennotitie een heldere omschrijving van biodiversiteit (ipv doorklikken naar een site). En vervolgens kort omschrijven wat de ambities van Wageningen zijn voor vergroting van de biodiversiteit in het buitengebied. Wat ik nog mis is het vergroten van biodiversiteit op individueel niveau: zorgen dat het tussen de oren gaat zitten (en al vaak zit) bij de eigenaren in het buitengebied. Een rommelhoekje, takkenril, poel, op het erf, ruigtestroken en dergelijke.
    22-3-2020 17:53:22
  • Hoe kun je voor het hele buitengebied streven naar natuurinclusieve landbouw als er zo'n grote opgave voor duurzame energie ligt? De landschapstransitie die daar bij hoort is misschien goed voor biodiversiteit langs de randen, maar verenigt zich moeilijk met landbouw.
    22-3-2020 16:12:59
  • In bovenstaande staat de vilgende zin: "De Nude: hier en daar goede natuur (hotspot Kleine Zwaan) maar te intensief landbouwgebruik om in het algemeen van een goed gebied voor natuur te spreken". De Nude, waarbij inbegrepen de 'Oude Nude' is juist het doorgangsgebied van het Binnenveld naar de uiterwaarden/de Rijn en vice versa. Het is niet een natuurgebied op zich, maar verbindt we verschillende natuurgebieden. Dat het deze functie heeft ervaren wij elke dag. De volgende dieren zien wij met zeer grote regelmaat: reeën, patrijzen, steenuil, kerkuil, vos, fazanten, etc. Dus hoezo is De Nude niet een gebied voor natuur???
    22-3-2020 11:46:49
  • In bovenstaande staat de vilgende zin: "De Nude: hier en daar goede natuur (hotspot Kleine Zwaan) maar te intensief landbouwgebruik om in het algemeen van een goed gebied voor natuur te spreken". De Nude, waarbij inbegrepen de 'Oude Nude' is juist het doorgangsgebied van het Binnenveld naar de uiterwaarden/de Rijn en vice versa. Het is niet een natuurgebied op zich, maar verbindt we verschillende natuurgebieden. Dat het deze functie heeft ervaren wij elke dag. De volgende dieren zien wij met zeer grote regelmaat: reeën, patrijzen, steenuil, kerkuil, vos, fazanten, etc. Dus hoezo is De Nude niet een gebied voor natuur???
    22-3-2020 11:46:49
U moet registreren/ingelogd zijn om te reageren