2.2 Strategie: het land van Wageningen, Wageningen in het land

  • Aantal keer bekeken 619
  • Terug

Sturingsverschillen in het buitengebied.

Zoals hiervoor aangegeven is het buitengebied van Wageningen dus gelijktijdig lokaal en bovenlokaal belangrijk. Waar dat lokale belang speelt en waar het bovenlokale is vrij duidelijk naar gebieden te onderscheiden.

Het bovenlokale natuurbelang in het buitengebied bestaat uit de bossen op de Wageningse berg, de uiterwaarden en het centrum van het Binnenveld zoals op de kaart van het Natuurnetwerk Nederland (met uitbreiding) is aangegeven.

De universiteit heeft op verschillende plekken gronden. Daarvan is in ieder geval het deel ten noorden van de campus een strategisch cruciale plek. Hier ligt de universiteit het dichtst bij de nationale en internationale verbindingen. Daarnaast zijn er, verspreid over de gemeente, terreinen belangrijk voor het functioneren van de universiteit, met name de diverse proefvelden.

In het gebied van de Eng, de Nude en een vrij brede randzone van het binnenveld zijn er nauwelijks bovenlokale doelen, maar er zijn nog wel proefvelden.

 

Een strategie voor de toekomst: het land van Wageningen - Wageningen in het land

We gaan voor een deel van ons buitengebied sturen met eigen doelen en voor een deel gaan we sturen met gedeelde doelen.

Met eigen lokale doelen gaan we sturen op de Wageningse Eng, de Nude en de randzone van het Binnenveld. Dit noemen we ‘het land van Wageningen’. Daar bepalen we als Wageningse samenleving hoe we de toekomst van het gebied zien. 

Met gedeelde bovenlokale doelen gaan we met het Rijk en de Provincie sturen op de bossen van de Wageningse Berg, de uiterwaarden en de kern van het Binnenveld. Dit noemen we ‘Wageningen in het land’. Hier bepalen we samen met het Rijk en de Provincie hoe we de toekomst van het gebied zien. Omdat biodiversiteit voor ons een speerpunt is, en deze gebieden niet voor niets door andere overheden zo belangrijk gevonden worden voor natuur, zien we deze gedeelde doelen ook als ons eigen belang. Vanuit onze integrale verantwoordelijkheid voor de fysieke leefomgeving doen we in deze hoofdlijnennotitie een voorstel voor dit gebied. Vervolgens zullen we met de andere overheden ‘verbinding op doelen’ nastreven.

Ook voor het gebied ten noorden van de campus zijn er bovenlokale doelen. Wat hier vooral speelt is de vraag hoe de bovenlokale doelen (universiteit) te verbinden zijn met de doelen op lokaal niveau.

Deze afbeelding laat het onderscheid zien in welke delen van het buitengebied bovenlokale doelen van invloed zijn ‘Wageningen in het land’ en waar het om lokale doelen gaat ‘Het land van Wageningen’.
Het land van Wageningen, Wageningen in het land
De zonering naar het lokale en bovenlokale belang.

LOSstadomland heeft deze kaart gemaakt op basis van de uitkomsten van de ambtelijke workshop.

Vorig artikelVolgend artikel

Deel

Reacties

  • OPEN BINNENVELD VOOR WEIDEVOGELS Door de inzet van boeren, natuurbeheerders en vrijwilligers is de weidevogelpopulatie in het Binnenveld de afgelopen 10 jaar redelijk stabiel gebleven. Dit in tegenstelling tot een sterk dalende nationale tendens voor vrijwel alle weidevogels. Het centrale deel van het Binnenveld heeft door maatregelen, zoals de vernatting en kap van bomenrijen de potentie om zich te ontwikkelen tot speciaal gebied voor weidevogels met een stabiele populatie van kievit, grutto, tureluur en wulp. Vanuit de huidige circa 20 à 40 paren grutto’s lijkt doorontwikkeling naar 80 of meer broedparen mogelijk. Dit centrale deel bestaat uit 750 hectare waarvan circa 300 ha open en nat halfnatuurlijk grasland beheerd door de TBO’s (Terrein Beherende Organisaties). Daaromheen ontwikkelt zich, ten gunste van de weidevogels, een schil van 450 hectare met vochtig en fijnmazig dooraderd boerenland met kruidenrijke randen. In deze zone zijn momenteel zo’n 25 à 30 boeren actief. Op enige afstand bevindt zich een aantal satellietgebieden met daarin nog kansrijke kievitpopulaties vooral gebonden aan maispercelen als broedbiotoop. Rondom deze maispercelen zouden de weilanden vanaf april extensief beweid kunnen worden en dienen als kuikenland. Voorwaarde voor de ontwikkeling tot succesvol weidevogelgebied is dat in het centrale deel van het Binnenveld wordt gekozen voor een zeer open natuur- en weidelandschap. De daar nog aanwezige opgaande beplanting wordt op strategische plekken verwijderd, zodat de openheid gewaarborgd blijft. De overheden en de Collectieven kunnen boeren stimuleren door hen een aantrekkelijk verdienmodel te bieden. Als basis vergoeden de Collectieven de kosten van agrarisch natuurbeheer voor gederfd inkomen (waar boeren per saldo financieel mee gelijk blijven) maar een echte stimulans zou zijn een financiële aanvulling daarboven op, vanuit een biodiversiteits- en landschapsfonds. Een planologische aanduiding als weidevogelgebied zou het gebied in de toekomst moeten beschermen en zo vrijwaren van negatieve ruimtelijke ontwikkelingen op het gebied van windturbines, zonneparken en bebouwing of verstoring.
    31-3-2020 13:54:04
  • Een groot gemiste kans voor het buitengebied 'land van Wageningen' om juist daar de biodiversiteit te verhogen. Rijk en Provincie met terreinbeherende organisaties staan als eerste aan de lat om de bijzonder (internationale) natuurwaarden te behouden en te verbeteren. Deze Natura 2000-gebieden en Gelders natuurnetwerk hebben grotendeels al bijzondere natuurwaarden waarvoor beleid en financiële middelen zijn. Dit is grotendeels gewaarborgd. Zet de pijlers meer op 'land van Wageningen' inclusief de campus en WUR/DLO-gronden. Doe hier een voorstel voor. Gemiste kansen zijn de onderlinge verbindingen op gemeentelijk niveau: oost-west brede natuurverbinding 'kleinschalig agrarisch gebied' tussen Veluwe en Utrechtse heuvelrug via het Binnenveld (kans om eindelijk groene mal tussen stedelijk gebied Wageningen en Bennekom in te vullen zoals ook eerder in het WERV is benoemd) en noord-zuid verbinding rivierengebied Nederrijn met de Gelderse vallei/Binnenveld gekoppeld aan natte structuur.
    22-3-2020 20:38:06
  • Beste Lara de Brito, Je hebt de gebiedsconferentie een geweldige aftrap gegeven. Duidelijk gemaakt dat we integraal een visie voor het gehele buitengebied gaan maken. Met elkaar en in stappen die op elkaar voortbouwen. En over het uitgangspunt was je helder; een opgave richting energietransitie samen met goede afwegingen van alle andere functies en belangen.
    22-3-2020 19:38:23
  • Over dat “integraal een visie voor het buitengebied maken”; in de hoofdlijnennotitie zijn bij de kaarten voor de selectie van het rommelgebied (a.k.a. “transformatiezone”) plots de oost buitengebieden buiten beeld. Zonder reden. We vroegen dus de fractie van GroenLinks of er ook offers / transformatie in het oosten kon. Het antwoord: “dat kan niet want dat geeft oorlog in apart overleg daarover”. Vermijden van “oorlog in apart overleg” is dus de reden dat de hoofdlijnennotitie alleen transformatiegebieden in het westen aanwijst; een totale ontsporing van het proces. Ik vraag je dus het aparte overleg over het oosten totaal te stoppen. De hoofdlijnennotitie en de woorden van jouw fractie zijn het bewijs dat het absoluut niet samengaat met een afgewogen integrale visie vorming voor het hele gebied. Het breekt jouw belofte van “samen integraal het
    22-3-2020 19:36:47
  • Over het “met elkaar in stappen die op elkaar voortbouwen een visie maken”. Dat begon groots; een gemeentehuis vol burgers die hard werkte aan plannen voor het gehele buitengebied. We hebben kaarten gemaakt van de huidige situatie en aangegeven waar de energietransitie het minste pijn geeft. We hebben de waarde van het huidige landschap vastgelegd en daar conclusies uit getrokken. Dat is minutieus uitgewerkt en vastgelegd. De schrijvers van de hoofdlijnennotitie hebben het allemaal aan de kant geschoven. Ze verzonnen iets dat geen thema was tot en met de conferentie en door niemand als belangrijk is aangemerkt: historische kaarten. Ze kozen willekeurige kaarten en combineerden die tot een kaart over een nooit bestaande historische situatie. En dat werd het korset voor hun keuzes. Vreselijke keuzes die de overlast van energietransitie maximaliseert en de burger opsluit in de stad met een rommelrand. En een korset dat bij keuze voor kaarten vanuit een andere tijd er heel anders had uitgezien. Jouw belofte om serieus met inspraak om te gaan is gebroken. En de prachtexpertise van een gemeentehuis vol met vaardige burgers is vervangen door iets vreselijks. Ik vraag je om terug te gaan naar de resultaten van de conferentie. En op basis van de kaarten en tekst die toen gemaakt zijn de hoofdlijnennotitie opnieuw te laten uitwerken. Voorbeelden van de resultaten van de conferentie: • Er zijn bruikbare opties voor energietransitie in het gehele buitengebied; gebruik die • Zonnepanelen zo ver mogelijk van de stadrand af en uit het zicht. • Voorkom verommeling van gebieden die nog prachtig zijn (tevens ook de bijdrage van Prof. Adriaan Geuze aan de conferentie). • Grote en ook doorlopende wandel en fietspaden met onderlinge verbindingen zonder daarvoor gebieden uit te zonderen. • Zoek ook naar opties voor energietransitie buiten het te kleine buitengebied van Wageningen
    22-3-2020 19:35:47
  • Tot slot jouw belofte over “energietransitie samen met goede afwegingen van alle andere functies en belangen”. Tijdens de conferentie is daarvoor een goede aanzet gemaakt vanuit de hele groep. Ook hier verzonnen de notitieschrijvers echter iets heel anders. Ze willen de ontspoorde aanpak van de Binnenveldse hooilanden. Centraal daarbij staat een hondhorror verhaal: als mensen de natuur in mogen dan zouden bordjes met verboden voor honden niet helpen. Dat “geen honden” al heel lang prima gaat op de klompenpaden vergeten ze. De groep die met het verhaal geïnfecteerd is weet met de horror tekst mooiste gebieden zoals de Binnenveldse hooilanden vrijwel volledig voor de burger te sluiten. Ze krijgen het voor elkaar om een peperduur en lang wandelpad gewoon exact naast een bestaand fiets en wandelpad aan te leggen (Veensteeg). Krankzinnig! Echt het enige doel is om te kunnen zeggen “er is een extra wandelpad” zonder dat je het gebied in kan. De enorm dure uitkijktoren aan de Werftweg is een ander onwerkelijk voorbeeld. Natuur genieten met een stroom razende auto’s in de rug. En als je rond wil lopen vanaf het griftpad; kan dat alleen over de lange Werftweg terug; levensgevaarlijk (zijn dode wandelaars minder horror?) en weer in de continue autoterreur om je heen. Hoe kan zoiets gebeuren met enorme investeringen in het gebied? Het hondhorror virus schakelt elke vorm van redelijke afweging van functies en belangen uit. Het sluit de mens op in stad en rommelgebieden. De mens moet dik en ongelukkig worden… en dan doodgereden op een autoweg….. want stel je de horror voor als ze de natuur ingaan….
    22-3-2020 19:33:48
  • Fase 2 van de hondhorror epidemie is nog erger: de hoofdlijnen notitie. Die sluit een nog een groter deel van het Binnenveld vrijwel voor de burger af. Opsluiten die burgers… in stad en troep in de rommelzone er vlak om heen…. een enkel wandelpaadje wellicht de echte natuur in… maar met veel beperking. En de term “smart” omdat te verbergen; iedereen op de app kijken in plaats van natuur genieten. Bijna 40.000 burgers weer opzij gezet door het hondhorror verhaal. Ik vraag je om een nieuwe hoofdlijnen notitie en om daarbij beter toe te zien op evenwichtige afwegingen voor alle functies van ruimte. En ik vraag je om alert te zijn op ontsporing door het hondhorror verhaal.
    22-3-2020 19:32:16
  • Het boven lokaal belang van de WUR is van hele andere orde. Het gaat hier niet om rekening houden met beleid van hogere overheden, maar om een bedrijfsbelang. En wat is de betekenis van die paaseieren op het kaartje? Het is mij ook niet duidelijk wat het belang van internationale verbindingen is voor een proefveld. De meeste proefvelden zullen toch gebruikt worden door mensen die hier langer verblijven?
    22-3-2020 16:01:06
  • Het gebied Campus-Noord is weliswaar grotendeels eigendom van de WUR, het heeft grote waarde voor natuur (grootste populaire patrijzen van Gelderland), en recreatie en fietsverbinding richting Bennekom en Ede. Hier zijn nadrukkelijk ok regionale en lokale doelen, vergelijkbaar met de randzone aan de westzijde van de stad.
    22-3-2020 14:34:12
  • In het coalitieprogramma van de Gemeente staat dat de Eng, Binnenveld, en uiterwaarden met de stad verbonden moeten zijn voor mens en dier. Dat strookt niet het transitiegebied dat de stad, mens en dier juist afsluit van het buitengebied.
    21-3-2020 20:20:38
  • Met deze afbakening land van Wageningen blijft er, van de al beperkte ruimte om Wageningen, een nog kleiner deel over waarin alle eigen beleidsambities moeten worden gerealiseerd. De keuze voor deze afbakening mis ik in het verhaal. De beperkte oppervlakte voor de eigen beleidsopgaven leidt tot 'geprak' van meerdere functies (en met een groot aandeel oppervlakte zonneparken) in een kleine ruimte met grote gevolgen voor de leefomgeving van de inwoners van Wageningen in de woonwijken aan de rand.
    21-3-2020 16:47:28
  • Ik mis in deze notitie en in deze strategie een verwijzing naar de Omgevingswet en de mogelijkheden die daar in besloten liggen voor een meer dynamische ontwikkelingsplanologie obv kernkwaliteiten. Uiteraard heb je te maken met Europese en nationale, wettelijke kaders (b.v. N2000), maar door daarbinnen te werken met kernkwaliteiten per deelgebied, kan je een afwegingskader ontwikkelen aan de hand waarvan je initiatieven en activiteiten al dan niet kan toestaan. Nu ademt het toch allemaal weer de sfeer van de oude bestemmingsplanologie, wat elk initiatief dat daar ook maar een millimeter van afwijkt weer in de kiem dreigt te smoren. Vanuit de ontwikkelingsplanologie gedachte kan je ook in een N2000 gebied economische activiteiten toestaan, mits ze geen afbreuk doen aan of mogelijk zelfs bijdragen aan of nodig zijn voor beheer en behoud van de natuurdoelen. Zo is b.v. in de Renkumse Benedenwaard het nog enige agrarische bedrijf Lexkesveer Natuurbeheer Vof bezig met een vergaande vorm van natuurinclusieve landbouw, maar dit is alleen volhoudbaar als er ook nieuwe economische activiteiten mogelijk worden. Dit brengt mij ook bij mijn volgende punt: ik mis de mens in het verhaal. Het buitengebied bestaat niet alleen uit functies, er wordt gewoond, gewerkt en gerecreëerd. In de Omgevingswet is het samenspel tussen mens en omgeving juist uitgangspunt, waarbij uiteindelijk niet de bestemming, maar de mens de omgeving maakt en beheerd
    21-3-2020 10:45:44
  • Ik stel voor om aanduiding campus-noord te vervangen door transitiegebied net als overige zone rond stad. Dit is geen onderdeel van de campus. Deze zone is een rijk weidevogelgebied, vooral ten noorden van bebouwing campus. Het behoud en versterken van weide en akkervogels zou ik opnemen in doelstelling transitiegebied en niet alleen voor kern Binnenveld.
    14-3-2020 17:51:43
  • Ik maak bezwaar tegen de aparte status van het gebied ten noorden van de campus als campus-noord met bovenlokale doelen en internationale uitstraling. Dat gebied maakt onderdeel uit van het Binnenveld en het daarbij behorende open landschap en stiltegebied. Met deze nieuwe status wordt het heel gauw volgebouwd. Dat moeten we als stad niet willen, ook al zal de WUR dat willen. Hier moet de stad de groene grens trekken en gaan voor behoud open landschap, ontwikkeling natuur en ecologische verbindingszone, stiltegebied en duisternis.
    14-3-2020 17:01:04
  • Dit hoofdstuk roept het beeld op alsof alles nog kan. Aan het eind van H2.2 lezen we bijvoorbeeld: “In [de genoemde natuurgebieden] bepalen we samen met het Rijk en de Provincie hoe we de toekomst van het gebied zien. […] Vanuit onze integrale verantwoordelijkheid voor de fysieke leefomgeving doen we in deze hoofdlijnennotitie een voorstel voor dit gebied. Vervolgens zullen we met de andere overheden ‘verbinding op doelen’ nastreven.” En aan het begin van H2.1 lezen we: “Veel mensen willen [in de uiterwaarden] graag een waterplas en anderen komen op voor het invullen van de grote natuurdoelen (Natura 2000) van het rivierengebied.” Alsof alles nog open ligt. Maar hoewel er in dit hoofdstuk netjes ingegaan wordt op het bestaan van het Gelders Natuurnetwerk, op de Vogel- en Habitatrichtlijn en ook Natura 2000 één keer genoemd wordt, wordt er nergens melding gemaakt van de betekenis die dat heeft voor de keuzemogelijkheden die die nog open staan bij het inrichten van het buitengebied. Het gaat hier niet om mogelijke natuurbelangen die we later nog eens rustig kunnen afwegen tegen de Wageningse belangen en ambities, maar om serieuze wetgeving op Europees, landelijk en provinciaal niveau met alle beperkingen die daar bij horen. André Schaffers, Stichting Vrienden van de Wageningse Berg
    13-3-2020 12:22:25
  • De Wageningse Berg heeft een belangrijke functie als waterwingebied voor de drinkwatervoorziening. Drinkwaterbedrijf Vitens denkt daarom graag mee over de toekomst van het gebied en mogelijkheden om natuurdoelen en het drinkwaterbelang elkaar te laten versterken.
    6-3-2020 14:49:45
U moet registreren/ingelogd zijn om te reageren
wageningen
2222