Achtergronden

Zonnevelden

Voor zonnevelden vinden we de volgende parameters het belangrijkste: 

In welke dichtheid wordt het veld bedekt en wat is het gewenste dubbelgebruik? Bij lagere dichtheden zijn er veel vormen van dubbelgebruik mogelijk zoals landbouw en natuur. In het schema ‘meervoudig gebruik van zonnevelden’ geven we daar een indruk van.

Wordt het wel of niet een zichtbaar zonneveld en welke eisen stellen we daar aan?

Er zijn veel meer parameters die van belang kunnen zijn maar de twee die wij hier noemen zijn in ieder geval cruciaal voor het maatschappelijk draagvlak en de sturing in de visie buitengebied.

 

Wat is het zoekgebied?

Wat ons betreft zijn zonnevelden overal waar dat technisch mogelijk is bespreekbaar. Ons beginpunt ligt bij de ‘zonpotentiekaart’ van de nationale energieatlas waar op basis van een aantal standaardaspecten de technisch geschikte locaties zijn aangegeven. 

zonpotentie1juistein...

Denkbare locatie voor zonnevelden (bron: http://www.nationaleenergieatlas.nl/kaarten?config=418d0f56-0f0c-4fd4-9001-2ead4e1e22d6&gm-x=174981.96980353567&gm-y=441724.71356843767&gm-z=8.646666666666665&gm-b=1542632922900,true,1;1555073323297,true,0.8).

 

In welke dichtheid wordt het veld bedekt en wat is het dubbelgebruik?

Maximaal kunnen er ongeveer 4500 standaardpanelen op een hectare grond. Hoe minder panelen je op een hectare plaatst hoe meer mogelijkheden voor dubbelgebruik van de grond er zijn. Maar er is ook een keerzijde want als je minder panelen op een hectare plaatst heb je meer hectares nodig om je energiedoelen te halen. 

Hoe hoger je de panelen plaatst hoe meer dubbelgebruik van de grond mogelijk is maar hoe duurder de aanleg en hoe zichtbaarder de panelen. De mate van dubbelgebruik bepaalt ook de effecten op de bodemkwaliteit.

Wij denken dat je alleen tot een locatiekeuze kunt komen als je een beeld van dichtheid en dubbelgebruik hebt. Daarnaast is er een planologische-technische reden om dit aspect goed te bespreken. Sturing op de dichtheid en dubbelgebruik heeft invloed op de grondwaarde van ontwikkellocaties voor zonnepanelen. Dat kan het beste opgenomen worden in deze gebiedsvisie. Wij kunnen bij de gekozen locaties het gewenste minimale vermogen/ha, maximale bedekkingspercentage en laagste hoogte van panelen opnemen. 

In het schema op de volgende pagina geven we een indruk van de mogelijkheden van dubbelgebruik, maar dit is zeker niet volledig.

Zonnevelden2intekst

 

Wordt het wel of niet een zichtbaar zonneveld en welke eisen stellen we daaraan?

In ons vlakke land kun je op de meeste plekken zonnevelden visueel afschermen met singels en hagen of je kunt ze juist zichtbaar houden. 

In de figuur gaan we uit van standaardpanelen van 1 bij 1,6 meter met een vermogen van 300 Wp/paneel. Voor de opbrengst rekenen we met het landelijk afgesproken kengetal van 875 kWh/Wp/jaar.

 

De werkopgave die we voor de idee-ontwikkelingsfase voor veldopstellingen van zonnepanelen stellen: 

  • Maak een scenario waar je alle benodigde 500 terajoule (100%) met zonnevelden opwekt, een scenario waar je 250 terajoule (50%) opwekt en een waarin je 125 terajoule (25%) opwekt.
  • Waar zouden de velden in die scenario’s komen denk aan voorkeuren voor bepaalde gebieden of kleine of grote velden.
  • Onder welke voorwaarden van dichtheid, medegebruik en zichtbaarheid zou je dat doen. 
  • Welke andere criteria zijn van belang bij de scenario’s. Denk aan verschillende vormen van participatie van omwonenden/inwoners/bedrijven,of meerwaarde die het veld moet opleveren elders in het buitengebied.
  • Zet ook de tegenargumenten op een rij. 

 

Algemene kenmerken van zonnevelden, kenmerken die het beeld beïnvloeden:

  • Er staat een hek om een zonneveld, vaak ligt er ook nog een sloot omheen.
  • Er is een vrije binnenrand langs het hek om bij de panelen te kunnen komen voor het onderhoud.
  • Panelen worden niet in de schaduw van bomen gezet. De vraag is hoe ver je van bomen af moet en kunt blijven. ’s Ochtends en ’s avonds en in de winter zijn de schaduwen lang maar is het rendement van panelen sowieso veel lager. Houdt bijvoorbeeld 2 maal de hoogte van de boom als richtsnoer aan.
  • Panelen worden het liefst in een hoek van zo’n 30 graden gezet hoewel het niet zo precies komt, een beetje variatie kan.
  • Panelen worden het liefst op het zuiden gericht, hoewel ook daar wel wat ruimte in zit zonder grote effecten op het rendement.
  • Panelen zijn goedkoop. Het rek waar de panelen op liggen maakt een wezenlijk deel uit van de kosten. Daarom wordt meestal voor een eenvoudige standaardconstructie gekozen. 
  • Technisch kun je meer rendement uit individuele panelen halen. Een met de zon meedraaiend hoge-rendementspaneel levert per m2 paneel misschien wel 2x zoveel stroom als een vast standaardpaneel. Maar financieel is dat niet effectief.
  • Een minimale maat voor een zonneveld dat vrijstaand geëxploiteerd wordt is zo’n 3 ha. Dit is afhankelijk van vele variabelen. Als je bijvoorbeeld tegen een schakelstation aanligt kan het veld kleiner zijn. Ontwikkelaars sturen aan op een minimum van 5 ha. Dat hoeft niet per se te betekenen dat het ook één veld van 3 tot 5 ha is. Je kunt ook bijvoorbeeld een aantal kleinere velden technisch aan elkaar koppelen.

 

Zonnevelden3intekst

Een standaard zonneveld met afscherming bij Twence in Hengelo/Enschede.  

 

 

| Categoriën: Energietransitie, Zonnevelden | Tags: | Aantal keer vertoont: (107) |

Geef commentaar